Toen ik een jaar geleden mijn eerste hardlooppasjes zette, had ik absoluut geen idee wat ik aan het doen was. Het eerste rondje liep ik op oude sneakers, in mijn sportkleren. Mijn telefoon in mijn hand, sleutel achter in mijn legging. (Niets dat je hartslag tijdens het hardlopen zó omhoog krijgt dan na 5km denken dat je je sleutel onderweg verloren bent)
Na dat eerste rondje wist ik wel meteen dat dit naar meer smaakte, dus ik schafte in elk geval goede schoenen aan, nog steeds de beste beslissing die ik kon nemen. Tevens is dit mijn beste advies aan eenieder die wil beginnen: koop in gódsnaam goede schoenen, dat scheelt de helft in spierpijn, blessures en dus in plezier.
Daarnaast stortte ik me diezelfde avond als een junk op allerlei hardlooptijdschriften waarvan ik het bestaan vanuit mijn eerdere werk bij de Bruna kende, maar er nog nooit één opengeslagen had. Ik las vol bewondering alle artikelen, interviews, pagina’s vol gadgets etc. Ook las ik het marathonnummer van Runner’s World van voor naar achteren en besloot die avond dat ik de halve marathon in Eindhoven wilde rennen dit jaar. Lekker ambitieus.
In de weken die volgden leerde ik vanalles over de juiste sokken (nadat ik na 9km op mijn goede schoenen met slechte sokken bijna moest stoppen omdat mijn voetzolen openschuurden), voeding (eten laten zakken voor het rennen!), welke playlist voor mij werkt (beetje techno is het beste), etc.
Daarnaast de ‘hardloopgebruiken’: die eerste weken moet ik heel asociaal overgekomen zijn: ik groette zelden een tegemoetkomende hardloper, niet omdat ik me te goed voelde, maar omdat ik dacht: “Hooooo nee joh, je vergist je, je moet mij niet begroeten, ik ben helemaal geen hardloper!”.
Zeker die eerste weken, toen ik voor mijn gevoel aan alle kanten ingehaald werd, ging ik het liefst onzichtbaar hardlopen. Tot ik doorkreeg: iedereen doet maar wat, op zijn of haar tempo en kunnen.
De één vindt het heerlijk om af en toe een paar kilometer te lopen, en dat is prima. De ander traint voor een bepaal doel, en dat is ook prima.
En dat je die ene dame nou inhaalt, kan goed komen doordat zij aan kilometer 15 van haar duurloop begint. En dat die ene rappe raket jou inhaalt, kan komen omdat dat precies een stukje van zijn of haar interval is. Kortom: ik leerde al snel niet te oordelen, maar vooral ook mezelf niet te veroordelen.
Ik deed maar wat, maar wel met plezier! En daarom groet ik graag iedereen met een grote glimlach, of ze nou iets terugzeggen of niet!
Geef een reactie